Chinese gevangenisbrief in handtas van Walmart wijst op probleem van Chinese productiesysteem

Wederom is er een brief van een vermeende Chinese gevangeniswerker ontdekt door een Amerikaan tijdens het winkelen.

Een journalist van het online mediakanaal Vox is onlangs naar de in de brief genoemde gevangenis gereisd. Hierdoor werd Walmart – waar de shopper het product met de verborgen brief kocht – gedwongen de problemen in de productieketen op te lossen.

Christel Wallace uit Arizona vond in maart 2017 een stukje opgevouwen papier op de bodem van een kastanjebruine handtas die ze maanden daarvoor bij een plaatselijke Walmart had gekocht.

De brief was in het Chinees geschreven. Er stond: “Gevangenen in de Yingshan Gevangenis in Guangxi, China, werken 14 uur per dag en krijgen ’s middags geen pauze. We moeten tot middernacht overwerken. Als mensen het werk niet af maken, worden ze geslagen. Er is geen zout of olie in onze maaltijden. De baas betaalt gevangenen elke maand 2.000 yuan (€250). Het eten wordt allemaal door de gevangenisbewakers opgegeten. Zieke gevangenen die medicijnen nodig hebben, krijgen minder betaald. In China gevangen zijn kan niet vergeleken worden met een paard, koe, geit, varken of hond in Amerika.”

Toen Wallace’s schoondochter Laura Wallace een foto van het briefje op Facebook plaatste, kreeg het bericht honderden vind-ik-leuks, reacties en delingen. Plaatselijke media pikte het verhaal op.

In die tijd vertelde een Walmart vertegenwoordiger aan KVOA, een plaatselijke partner van NBC, dat het bedrijf niet kon reageren omdat het “onmogelijk de oorsprong van de brief kon verifiëren”.

Journalist Rossalyn A. Warren ging naar de betreffende gevangenis in China.

Vox onderzoek

Warren reisde naar Guilin in de Zuid-Chinese Guangxi streek, op basis van informatie van de Laogai Research Foundation – een Amerikaanse organisatie die China’s systeem van kampen voor dwangarbeid onderzoekt en andere mensenrechtenschendingen.

Toen Warren bij het vermeende adres kwam, zag ze dat de instelling gesloten was. Toen ze met bewoners uit de buurt van de instelling praatte, bevestigden die dat de gevangenis had bestaan en dat het inderdaad gevangenen dwong om producten te maken.

Veel bewoners uit de buurt werkten in de gevangenis of hadden familie die daar werkten.

Een Vox tekening van de door Christel Wallace uit Arizona gevonden brief. (Screenshot Vox)
Een Vox tekening van de door Christel Wallace uit Arizona gevonden brief. (Screenshot Vox)

Een buurtbewoner met de pseudoniem Zhenzhu zei dat haar man als bouwvakker in dienst was geweest bij de bouw van de gevangenis, en toen de bouw klaar was, de instelling bezocht voor onderhoudswerkzaamheden en verdere bouw.

Vrachtwagens uit Guangdong reden regelmatig de fabriek in en uit, had Zhenzhu’s man haar verteld.

Toen Warren Walmart contacteerde met het verhaal, informeerde het bedrijf haar dat het een intern onderzoek had gelanceerd na het nieuws over de brief. Het bedrijf was erachter gekomen dat de handtas niet voldeed aan Walmart’s arbeidsnormen.

“Door ons onderzoek naar deze kwestie, werd bekend dat de leverende fabriek handtassen liet maken in andere fabrieken in de regio die niet aan ons waren gemeld. De leverancier voldeed niet aan onze normen, en we doen geen zaken meer met hen. We nemen dit soort aantijgingen ernstig op en we zijn toegewijd aan een verantwoordelijke en transparante productieketen. Er zijn consequenties voor onze leveranciers als zij onze normen niet naleven”, verklaarde Walmart aan Vox.

Walmart wilde niet zeggen of de leverancier bij de Yingshan gevangenis had ingekocht.

Gevangenisbrieven

Een vergelijkbaar incident vond in 2011 plaats, een sage dat het onderwerp is van een recente documentaire: “Brief uit Masanjia.”

Julie Keith uit Oregon opende een pakje Halloween decoraties van een plaatselijke K-Mart en trof een handgeschreven brief in het Chinees en Engels aan. Deze brief beschreef de verschrikkelijke omstandigheden in het Masanjia Kamp voor Dwangarbeid; een instelling berucht om de wrede behandeling van voornamelijk Falun Gong gewetens gevangenen.

Toen het incident internationale aandacht vestigde op China’s systeem van kampen voor dwangarbeid – gevolgd door een reeks Chinese media exposés van Masanija – kondigde het Chinese regime in 2013 aan dat het haar laogai (‘heropvoeding middels arbeid’) systeem voor politieke dissidenten zou afschaffen.

Maar veel gevangenen zijn in plaats daarvan overgebracht naar andere detentiefaciliteiten, zoals zwarte gevangenissen, waar het misbruik doorgaat.

Productieketen

Het Yingshan Gevangenis-incident en vergelijkbare incidenten hebben duidelijk gemaakt hoe productieketens in China vaak ondoorzichtig en moeilijk te traceren zijn, en hoe westerse bedrijven onbedoeld deelnemers worden aan de slavenarbeid in China’s economie.

“Aangezien China alle statistieken gerelateerd aan het Laogai systeem als ‘staatsgeheimen’ beschouwd, is het van Laogai producten extreem moeilijk de oorsprong en productie te traceren van voordat ze op de buitenlandse markt komen”, schreef het Laogai Research Foundation in een rapportage in 2018. Verzoeken van Amerikaanse vertegenwoordigers om fabrieken te bezoeken en de werkomstandigheden te bekijken, worden ook consequent geweigerd.

Bovendien meldt het verslag dat Chinese bedrijven vaak de namen van producten veranderen of dekmantelondernemingen en tussenpersonen gebruiken de productie middels dwangarbeid te verhullen.

In andere gevallen adverteren Chinese producenten openlijk met het gebruik van dwangarbeid, volgens een verslag uit april 2018 van de World Organization to Investigate the Persecution of Falun Gong (WOIPFG). De organisatie heeft talloze gevallen gedocumenteerd van Falun Gong beoefenaars – een spirituele meditatiemethode die verbannen is en zwaar vervolgd wordt door Beijing sinds 1999, die veroordeeld werden tot dwangarbeid in kampen of gevangenissen waar gevangenen gedwongen werden producten voor de export te maken.

Door Annie Wu, Epoch Times

 
SOORTGELIJKE ARTIKELEN