Hoofdstuk 5: Infiltratie van het Westen (deel 1)

De Epoch Times is bezig met het in serievorm uitbrengen van een vertaling uit het Chinees van een nieuw boek getiteld, ‘Hoe het spook van het communisme onze wereld regeert’, van dezelfde auteurs als dat van ‘De negen commentaren op de communistische partij’.

Inhoudsopgave

Introductie

1 communisme via geweld en geweldloosheid

2 oorlog van spionage en disinformatie


3 van de New Deal naar Progressiviteit


4 de Culturele Revolutie in het Westen


5 de Anti-oorlog Beweging en de Burgerrechten Bewegingen


Referenties

 

Introductie

De Amerikaanse presidentsverkiezing was één van de meest dramatische sinds tientallen jaren. Hoewel de opkomst een lage 58 procent bedroeg, was de campagne vol met verdraaiingen die zelfs na de verkiezingen bleven bestaan. De winnaar, kandidaat van de Republikeinse partij Donald Trump, vond zichzelf onder vuur van negatieve mediaverslagen en demonstraties in steden door het hele land. De demonstranten hielden borden vast met slogans als “niet mijn president”, ze maakten Trump uit voor racist, seksist, xenofoob of nazi. Een hertelling werd geëist en er werd gedregen met afzetting.

Onderzoeksjournalistiek heeft aangetoond dat veel van deze demonstraties geïnitieerd werden door bepaalde belangen groeperingen. Zoals te zien is in “America Under Siege: Civil War 2017”, een documentaire geregisseerd door onderzoeker Trevor Loudon uit Florida, bestond een significant deel van de demonstranten uit “professionele revolutionairen” met banden met communistische regimes en andere autoritaire staten zoals Noord-Korea, Iran, Venezuela of Cuba. Loudons werk scheen ook licht op de rol van twee prominente Amerikaanse socialistische organisaties, te weten de Stalinist Workers World Party en the Maoist Freedom Road Socialist Organization. [1]

Na onderzoek te hebben gedaan naar de communistische beweging sinds de jaren 80, concludeerde Loudon dat linkse organisaties de Verenigde Staten tot hun belangrijkste doelwit hadden gemaakt voor infiltratie en omverwerping. De gebieden van Amerikaanse politiek, onderwijs, media en economie zijn steeds meer naar links verschoven onder de invloed van goed geplaatste individuen. Zelfs toen mensen na de koude oorlog over de hele wereld de overwinning van de vrije wereld vierden, was het communisme heimelijk publieke instituten aan het overnemen binnen de westerse samenleving, als voorbereiding voor de laatste strijd.

Amerika is het licht van de vrije wereld en voert de door God gegeven missie uit om de wereld te bewaken. Het was de betrokkenheid van de Verenigde Staten die de uitkomst van de wereldoorlogen bepaalde. Ook tijdens de Koude Oorlog, met een nucleaire holocaust in het aangezicht, hield Amerika het Oostblok succesvol in bedwang totdat de Sovjet en de Oost-Europese communistische regimes uiteenvielen..

De “Founding Fathers of America” gebruikten hun kennis van westerse religieuze en filosofische tradities om de Onafhankelijkheidsverklaring en de Grondwet van de Verenigde Staten op te stellen. Deze documenten erkennen als een vanzelfsprekendheid de rechten die God de mens gegeven heeft, beginnend met de vrijheid van geloof en meningsuiting. Ze vestigden de scheiding van machten ter waarborging van het republikeinse overheidssysteem. Toen de Verenigde Staten een burgeroorlog voerde, was dat bedoeld om de vestigingsprincipes van Amerika volledig door te voeren en de slavernij te beëindigen. Meer dan 200 jaar hebben die principes een ongeëvenaard werk geleverd in de promotie van “nationale rust” en het veiligstellen van “algemeen welzijn”, zoals de inleiding tot de grondwet beloofde.

De vrijheid van het westelijk halfrond staat lijnrecht tegenover het doel van het communistische spook om de mensheid in slavernij te brengen en te vernietigen. Door zichzelf te verhullen in een prachtige visie van een collectieve gelijkheidssamenleving stuurde het spook van het communisme zijn vertegenwoordigers de samenleving in om zijn plannen wereldwijd uit te voeren.

Terwijl het communisme zich in de landen in het Oosten zoals de Sovjet-Unie en China manifesteert in totalitaire overheden, massamoorden en de vernietiging van traditionele cultuur, heeft het stilletjes en doelgericht middels ondermijning en desinformatie langzaamaan controle over het Westen gekregen. Het holt de economie, politieke processen, sociale structuren en de morele structuur van de mensheid volledig uit om zijn degeneratie en vernietiging tot stand te brengen.

Aangezien de communistische partij geen zeggenschap heeft over westerse landen, vermommen communistische aanhangers zichzelf al dan niet bewust door allerlei soorten organisaties en instituten te infiltreren. Er zijn minstens vier grote krachten die de communistische omverwerping van het Westen voortdrijven.

De eerste agent voor de omverwerping was de Sovjet-Unie, die de “Communist Third International” (Comitern) oprichtte om de revolutie wereldwijd te verspreiden. Beginnend in de jaren 80 begonnen de Chinese communisten economische hervormingen door te voeren. De CCP zette politieke, zakelijke en culturele uitwisselingen op die het de mogelijkheid boden om het Westen te infiltreren.

Het tweede middel voor omverwerping werd uitgevoerd door lokale communistische partijen die samenwerkten met de Sovjet Communistische Partij en de Comintern.

Als derde middel hebben economische crisissen en sociale onrust veel westerse overheden de laatste paar decennia ertoe aangezet om socialistische beleidslijnen over te nemen, hetgeen resulteerde in een gestage verschuiving naar links.

De vierde kracht voor een staatsomwenteling komt voort uit sympathisanten met de communistische partij en socialisme. Deze mensen dienen het communisme als een vijfde kolom van zogenaamde “bruikbare idioten” in de westerse samenleving. Ze dragen bij aan de vernietiging van de cultuur, zaaien moreel verval en ondermijnen een legitieme overheid.

Vanwege het ondoorzichtige en omslachtige karakter, gaat het ver voorbij dit schrijven om een uitgebreid verslag te doen van de infiltratie door de communisten in het Westen. Door de grote lijnen te begrijpen echter, kunnen onze lezers zich een beeld vormen van hoe het kwaad te werk gaat en leren om door de lagen van misleiding heen te kijken. Om kort en bondig te zijn, biedt dit hoofdstuk een algemeen overzicht van de mate van infiltratie van het communisme in de Verenigde Staten en West-Europa.

1. Communisme middels geweld en geweldloosheid

In het gangbare beeld is de communistische partij synoniem voor geweld, en met een goede reden. In het communistisch manifest zeiden Marx en Engels:“De communisten zien af van het verhullen van hun zienswijzen en doelen. Zij verklaren openlijk dat hun einddoelen alleen behaald kunnen worden door alle bestaande sociale situaties met kracht ten val te brengen.”

Het feit dat de communistische regimes van Rusland en China met een gewelddadige revolutie de macht grepen en geweld gebruikten als onderdrukkingsmiddel, trok de aandacht weg van de minder zichtbare vormen van het communisme.

De marxistische tak die gewelddadige revolutie promoot wordt vertegenwoordigd door het Leninisme, die de marxistische theorie op twee significante punten aanpaste. Volgens Marx zou een communistische revolutie beginnen in landen met een vergevorderd kapitalistisch stelsel, maar Lenin geloofde dat socialisme gebouwd kon worden in Rusland, dat relatief achterliep in zijn economische ontwikkeling.

Lenins tweede en belangrijkere bijdrage aan het marxisme was zijn doctrine van het bouwen van de partij.

Het opbouwen van de partij bestond in feite uit het integreren van technieken voor dwang, misleiding en geweld zoals die in criminele organisaties te vinden zijn, en deze te fuseren met de marxistische sociaaleconomische theorie. Volgens Lenin is de werkende klasse niet in staat om een klassenbewustzijn te ontwikkelen, of vanuit zichzelf een revolutie te eisen. Het moet van buiten uit tot een verenigde actie aangezet worden. De instrumenten voor revolutie zouden worden georganiseerd in een uiterst gedisciplineerde proletarische “voorhoede”, de communistische Partij.

De Britse Fabian Society, die één jaar na de dood van Marx in 1884 was opgericht, nam een andere weg in de strijd om de maatschappij het socialisme op te leggen. Het logo van de Fabian Society is een wolf in schaapskleren, en de naam is een verwijzing naar Quintus Fabius Maximus Verrucosus, de romeinse generaal en dictator die bekend is om zijn vertragende taktieken.

In de Fabian Review, het eerste pamflet dat door de groep werd geproduceerd, staat in een aantekening op de voorkant: “Je moet wachten op het juiste moment, net zoals Fabius heel geduldig deed in de oorlog tegen Hannibal, hoewel velen zijn vertragingen censureerden. Maar als de tijd daar is moet je hard toeslaan, net zoals Fabius deed, anders zou het wachten tevergeefs en vruchteloos zijn.”

Om het socialisme geleidelijk tot stand te brengen, bedacht de Fabian Society het beleid van “infiltreren”. Hiermee benutten ze de beschikbare openingen in politiek, zaken en de burgersamenleving. De Fabian Society beperkt de activiteiten van haar leden niet, maar stimuleert hen de socialistische doelen te bereiken door zich bij geschikte organisaties aan te sluiten en zichzelf overdreven gedienstig te maken voor belangrijke figuren zoals ministers, hoge ambtenaren, industriëlen, universiteitsdecanen of leiders van de kerk. Sidney Webb, voorzitter van de Fabian Society, schreef:

Als een sociëteit verwelkomden we de aanwas van mannen en vrouwen, van iedere religieuze richting of van geen richting. Hiermee benadrukten we dat socialisme geen secularisme is; het enige doel van alle zinvolle collectieve actie was de ontwikkeling van de afzonderlijke ziel, of geweten, of karakter… Ook beperkten we onze propaganda niet tot de langzaam opkomende Labour Party, of tot diegenen die bereid waren zichzelf socialisten te noemen, of tot de arbeiders of tot enige specifieke klasse. We brachten onze voorstellen zo overtuigend mogelijk, en één tegelijk, bij iedereen die wilde luisteren – de conservatieven, de kerken en kapellen van iedere religie, en de verschillende universiteiten elke keer als we toegang tot ze konden krijgen; en continue bij de liberalen, radicalen en andere socialistische sociëteiten. Dit noemden we “infiltrering” en het was een belangrijke ontdekking.

Veel leden van de Fabian Society waren jonge intellectuelen. In de gehele samenleving hielden ze toespraken en publiceerden ze boeken, tijdschriften en pamfletten. In de 20e eeuw  begaf de Fabian Society zich in de politieke arena. Sidney Webb werd de Fabian vertegenwoordiger in de nieuw gevormde “Labour Representation Committee” van de Engelse Labour Party.

In de Labour Party stelde Webb de statuten van de partij en het partijprogramma op. Door de leidende rol te nemen in het maken van beleid, deed Webb zijn best het Fabian Socialisme de leidende ideologie van de Partij te maken. De Fabian Society kreeg later invloed binnen de Verenigde Staten, waar meerdere groepen bestaan binnen de faculteiten voor vrije kunst in veel universiteiten.

Of het nu Lenins gewelddadige communisme is of het geweldloze Fabian Society communisme, beide worden gemanipuleerd door het kwade spook van het communisme en beiden hebben uiteindelijk hetzelfde doel. Lenins gewelddadige communisme verwerpt de geweldloze middelen niet. In zijn boek “Links”Communisme: Een kinderlijke wanorde bekritiseert Lenin de communistische partijen van West-Europa die weigerden samen te werken met wat hij de “reactionaire” vakbonden noemde, of meet te doen aan het “kapitalistische” nationale parlement.

Lenin schreef in zijn boek: “De kunst van politiek (en het juiste begrip voor een communist van zijn taken) bestaat uit het juist inschatten van de omstandigheden en het moment waarop de voorhoede van het proletariaat succesvol aan de macht kan komen, wanneer het klaar is om – tijdens en na de machtsovername – voldoende steun te winnen van een breed genoeg aantal lagen van de werkende klasse en van de niet-proletarische werkende massa. En wanneer het in staat is om na afloop zijn heerschappij te handhaven, consolideren en uit te breiden door steeds bredere groepen werkende mensen op te leiden, te trainen en aan te trekken. “

Lenin benadrukte keer op keer dat de communisten hun ware intenties moesten verbergen. Om aan de macht te komen kan geen enkele belofte of compromis worden uitgesloten. Met andere woorden, om hun doelen te bereiken, mogen ze gewetenloos zijn. Op de weg naar macht, maakten zowel de Russische Bolsjewistische Partij als de Chinese Communistische Partij (CCP) tot het uiterste gebruik van geweld en misleiding.

De wreedheid van de Sovjet en Chinese communistische regimes trok de aandacht weg van het geweldloze communisme dat men in het Westen aantrof. Bernard Shaw, een Ierse toneelschrijver en vertegenwoordiger van de Britse Fabian Society schreef ooit: “Ik heb het ook heel duidelijk gemaakt dat socialisme gelijkheid van inkomen betekent of helemaal niets, en dat je onder het socialisme niet arm mag zijn. Je zou met dwang gevoed, gekleed, gehuisd, onderwezen en in dienst genomen worden, of je het nu leuk zou vinden of niet. Als ontdekt wordt dat je niet genoeg karakter hebt om al deze moeite waard te zijn, zou je mogelijk op een vriendelijke manier geëxecuteerd kunnen worden.”

De Fabian Society heeft zich gespecialiseerd in vermommingen. Het selecteerde Bernard Shaw, een literaire man, om de ware doelstellingen van het geweldloze socialisme met mooie woorden te verdoezelen. Maar de wreedheid ligt onder het oppervlak. Westerse communistische partijen en hun verschillende frontorganisaties moedigen jongeren aan een sfeer van chaos te creëren. Ze nemen deel aan aanvallen, vandalisme, diefstal, brandstichting, bomaanslagen en moord om hun vijanden lastig te vallen en te intimideren.

2. Een oorlog van spionage en misinformatie

Communisme ziet de natie als een benauwende constructie van de klassenmaatschappij en streeft naar afschaffing van de nationaliteit. In het communistische manifest stellen Marx en Engels “werkende mensen hebben geen land”. Het manifest eindigt met de opmerking “Arbeiders van alle landen, verenigt u!”

Onder Lenins leiderschap stichtten de Bolsjewieken het eerste socialistische land in Rusland. Ze richtten onmiddellijk de Communistische Internationale (Comintern) op om de socialistische revolutie over de hele wereld aan te sporen en te verspreiden. Het doel van de Sovjet-Unie en de Comintern was om de legitieme regimes van elke natie op aarde omver te werpen en een socialistische werelddictatuur van het proletariaat te vestigen. In 1921 werd door de Verre Oosten divisie van de Comintern de CCP opgericht. Deze laatste zou in 1949 China overnemen.

Los van de CCP zochten communistische partijen wereldwijd richting en leiding bij de Comintern en accepteerde ze haar gelden en training. Met de middelen van een groot rijk ter beschikking, rekruteerde de communistische partij van de Sovjet-Unie (CPSU) overal activisten en trainde ze deze om ontwrichtende operaties in eigen land uit te voeren.

De communistische partij van de VS (CPUSA) die opgericht werd in 1919, was één van die organisaties die de Comintern en de CPSU volgde. Hoewel de CPUSA zelf nooit een grote politieke kracht is geworden, was zijn invloed op de Verenigde Staten niettemin significant. De CPUSA heulden samen met activisten en activistische organisaties om binnen te dringen in arbeiders- en studentenbewegingen, de kerk en de overheid.

Dr. Fred Schwartz, een pionier in het Amerikaanse anti-communistische gedachtengoed zei in 1961: “Iedere poging om de invloed van communisten in statistieken te beoordelen is als de romp van een boot te keuren volgens de verhouding van het aantal gaten ten opzichte van het goede gebied van de romp: één gat kan de boot doen zinken. Communisme is de theorie van een klein aantal gedisciplineerden die de rest beheerst en aanstuurt. Eén persoon op een knooppunt positie kan duizenden anderen beheersen en manipuleren.“ [7]

Het is niet bekend dat Sovjet agenten actief waren in de Amerikaanse overheid ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Ondank dit en de anti-communistische pogingen van senator Joseph McCarthy werden de feiten door linkse politici, wetenschappers en linkse media verborgen of verdoezeld voor het grotere publiek.

In de negentiger jaren van de vorige eeuw, maakte de overheid van de VS de tegen het einde van WOII door de Amerikaanse inlichtingendienst gedecodeerde “Venona Files” openbaar. Deze documenten laten zien dat minsten 300 Sovjet spionnen werkzaam waren binnen de overheid van de VS, waaronder zeer hoge ambtenaren met toegang tot zeer geheime informatie ten tijde van de Roosevelt regering. Andere pionnen gebruikten hun posities om de Amerikaanse beleidsvoering en het staatsaangelegenheden te beïnvloeden.

Onder de aangewezen Sovjet spionnen bevonden zich Harry Dexter White (beambte bij het ministerie van Financiën), Alger Hiss (ambtenaar bij ministerie van Buitenlandse Zaken) en Julius en Ethel Rosenberg (het koppel dat met elektrische stoel ter dood is veroordeeld wegens het overbrengen van militaire geheimen en atoomtechnologie naar de Sovjet-Unie.

De door het Verona Project onderschepte en gedecodeerde berichten zijn slechts het topje van de ijsberg; de volledige omvang van de Sovjet infiltratie in de Amerikaanse overheid blijft onbekend. Als hooggeplaatste Amerikaanse ambtenaren hadden sommige Sovjet agenten de mogelijkheid om belangrijke politieke beslissingen te beïnvloeden.

Alger Hiss, de Sovjet spion bij Buitenlandse Zaken, speelde een sleutelrol als adviseur van president Roosevelt tijdens de Yalta Conferentie aan het eind van WOII. Hij hielp met de naoorlogse territorium afspraken te bepalen, het Handvest van de Verenigde Naties op te stellen, gevangenen uitwisselingen te bepalen, en meer.

Harry Dexter White, een vertrouweling van de minister van Financiën Henry Morgenthau Jr., hielp met de totstandkoming van de Bretton Woods internationale financiële overeenkomst, en was één van de belangrijkste personen achter de oprichting van het Internationale Monetary Fund (IMF) en de World Bank.

White spoorde de Chinese Nationalistische Partij (Kuomintang) aan om Yi Zhaoding, een ondergronds CCP lid, op te nemen in het Chinese ministerie van Financiën. In 1941 begon Yi met deze functie. Hij was de architect van de rampzalige munthervormingen die de reputatie van de Kuomintang beschadigde en de opkomst van de CCP ten goede kwam.

Sommige geschiedkundigen beweren dat de invloed van Sovjet spionnen en hun linkse sympathisanten op het Amerikaanse buitenland beleid leidde tot het einde van de Amerikaanse militaire steun aan de Kuomintang tijdens de Chinese burgeroorlog die volgde na WOII. China’s vasteland was als gevolg overgeleverd aan de CCP.

Sommige wetenschappers zoals M. Stanton Evans beweren dat Sovjet spionnen zeer succesvol waren in het beïnvloeden van beleid. [8] Whittaker Chambers, een Sovjet informant en CPUSA-medewerker die later overliep en getuigde tegen andere spionnen, zei: “De agenten van een vijandelijke macht waren in een positie om veel meer te doen dan documenten te stelen. Ze waren in een positie om het buitenlands beleid van de natie te beïnvloeden in het belang van Amerika’s belangrijkste vijand, en niet alleen als uitzondering, … maar bij wat een verbluffende hoeveelheid dagelijkse beslissingen moet zijn geweest. “[9]

Yuri Bezmenov, een KGB spion die overliep naar het Westen, besprak Sovjet methoden van ondermijning in zijn geschriften en interviews. De James Bond-achtige spionnenstijl van de populaire cultuur, waarbij ze bruggen opblazen of rondsluipen en geheime documenten stelen, kon volgens Bezmenov niet verder verwijderd zijn van de werkelijkheid. Slechts 10 tot 15 procent van het KGB personeel en middelen werden toegewezen aan traditionele spionnen operaties, de rest ging naar ideologische ondermijning.

Bezmenov zei dat ondermijning in vier stadia plaatsvindt: De eerste stap is het bevorderen van de culturele decadentie en demoralisatie van het vijandelijke land; de tweede is het creëren van sociale chaos en de derde is het aanwakkeren van een crisis die zal leiden tot burgeroorlog, revolutie of een invasie van buitenaf, eindigend in de vierde en laatste stap: het land onder de controle van de communistische partij brengen. Dit wordt “normalisatie” genoemd.

Bezmennov, alias Thomas Schumann, noemde drie gebieden van ondermijning waaronder gedachten, macht en sociaal leven. Gedachten omvatten religie, onderwijs, de media en cultuur. Macht omvat overheidsbestuur, het rechtssysteem, rechtshandhaving, het leger en diplomatie. Sociaal leven omvat families en gemeenschappen, gezondheid en relaties tussen mensen van verschillende rassen en sociale klassen.

Als voorbeeld legde Bezmenov uit hoe het gelijkheidsprincipe was gemanipuleerd om onrust te creëren. Infiltranten zouden de basis van het egalitarisme promoten, waardoor mensen zich ontevreden zouden gaan voelen over hun politieke en economische omstandigheden. Activisme en maatschappelijke onrust zouden gepaard gaan met een economische impasse, wat de arbeids- en kapitaalbetrekkingen verder zou verergeren in een verslechterende cyclus van destabilisatie. Dit zou culmineren in een revolutie of een invasie door communistische krachten. [10]

Ion Mihai Pacepa, de hoogste ambtenaar van de inlichtingendienst in communistisch Roemenië liep over naar de Verenigde Staten in 1978. Hij legde nog verder bloot hoe de voormalige communistische regimes van de Sovjet-Unie en Oost-Europa strategieën van psychologische oorlogsvoering en desinformatie inzetten tegen landen in het Westen. Volgens Pacepa was het doel van desinformatie om het referentiekader van mensen te veranderen. Mensen zouden niet in staat zijn de waarheid te begrijpen of accepteren als hun ideologische waarden gemanipuleerd zouden zijn, zelfs niet als ze direct bewijs voorgeschoteld zouden krijgen. [11]

Bezmenov zei dat de eerste fase van ideologische misleiding normaal gesproken 15-20 jaar duurt – dat is de tijd die nodig is om een nieuwe generatie op de leiden – de tweede fase twee tot vijf jaar en de derde fase slecht drie tot zes maanden. In een toespraak die hij in 1984 gaf, zei Bezmenov dat de eerste fase was afgerond en in grotere mate dan de Sovjet autoriteiten oorspronkelijk hadden verwacht.

De verhalen van vele Sovjet spionnen en inlichtingenfunctionarissen en vrijgegeven documenten uit de koude oorlog suggereren dat infiltratie tactieken de drijvende kracht waren achter de ‘tegencultuur’ beweging in de jaren ‘60.

In 1950 begon senator Joseph McCarthy met het onthullen van de mate van communistische infiltratie in de VS overheid en samenleving. Maar vier jaar later stemde de senaat voor zijn veroordeling en werd de actie waarmee de overheid zichzelf van de communistische invloed ontdeed, stopgezet. Dit is één van de belangrijkste redenen voor de achteruitgang van de Verenigde Staten.

De dreiging van communistische infiltratie is niet minder geworden sinds het ineenstorten van de Sovjet-Unie aan het eind van de koude oorlog. Joseph McCarthy is bijvoorbeeld jarenlang gedemoniseerd door linkse politici en de media. Tegenwoordig staat McCartyisme synoniem voor politieke vervolging – een indicatie dat het linkse gedachtengoed succesvolle dominantie heeft gecreëerd binnen de ideologische strijd.

De tientallen jaren van onderdrukking en laster waar Amerikaanse anti-communistische helden zoals McCarthy aan werden blootgesteld, zijn indicatief voor een algemene trend. Zoals een conservatieve Amerikaanse politieke commentator opmerkte, is anti-Amerikanisme een natuurlijk onderdeel van de wereldwijde linkse beweging. Links strijdt met hand en tand voor de bescherming van plegers van overspel, abortus, criminelen en communisten, terwijl ze de anarchie steunt en zich tegen beschaving verzet.

3. Van de ‘New Deal’ tot het ‘Progressivisme’

Op donderdag 24 oktober 1929 stortte de aandelenbeurs van New York in elkaar. De crisis verspreidde zich van de financiële sector naar de gehele economie. Geen één van de grote ontwikkelde landen in het westen werd ontziend. Werkeloosheid piekte tot boven de 25% van de bevolking. In de VS alleen al waren er meer dan 30 miljoen werkelozen. Buiten de Sovjet-Unie, daalde de industriële productie in grote industriële landen gemiddeld met 27 procent. [12]

Aan het begin van 1933, binnen 100 dagen van Roosevelts inauguratie, waren er veel nieuwe wetten gericht op het oplossen van de crisis. Het beleid verhoogde overheidsbemoeienis met de economie en belangrijke hervormingen werden doorgevoerd: de Emergency Banking Act, Agricultral Adjustment Act, National Industrial Recovery Act en Social Security Act werden door het parlement uitgevaardigd. Hoewel Roosevelts New Deal in wezen eindigde met het begin van WOII, zijn veel van de instituties en organisaties uit die periode tot aan de dag van vandaag verder gegaan met het vormgeven van de Amerikaanse samenleving.

Roosevelt schreef meer presidentiële decreten uit dan het totaal aantal van zulke besluiten sindsdien uitgeschreven door alle presidenten in de 20e eeuw tezamen. Niettemin daalde het werkeloosheidscijfer in de Verenigde Staten tot aan de oorlog niet onder de 10%. Het echte effect van de New Deal was de regering van de VS een richting op te sturen van hoge belasting, veel overheidsbemoeienis en economisch ingrijpen.
In zijn boek uit 2017 The Big Lie: Exposing the Nazi Roots of the American Left argumenteert de conservatieve denker Dinesh D’Souza dat het middelpunt van Roosevelts New Deal, de National Recovery Act, in essentie het einde van de vrije markt van de V.S. betekende.

Volgens een boek uit 2003 van historicus Jim Powell FDR’s Folly liet de New Deal de Grote Depressie voortduren in plaats van deze te beëindigen: de Social Security Act en arbeidswetten bevorderden nog meer werkeloosheid, terwijl hoge belastingen gezonde bedrijven en dergelijke belasten. [14]

Econoom en Nobelprijs winnaar Milton Friedman prees Powells werk en zei: “Zoals Powell onomstotelijk aantoont, stond de New Deal herstel van de inkrimping in de weg, vergrootte het de werkeloosheid en liet het deze voortduren, en schiep het de context voor een steeds bemoeizuchtigere en dure overheid.” [15]

President Lyndon Johnson, die na de moord op president Kennedy in 1963 aantrad, verklaarde de Oorlog tegen Armoede tijdens zijn State of the Union in 1964 en lanceerde binnenlandse programma’s van de Great Society. In korte tijd vaardige Johnson een reeks presidentiële besluiten uit, vestigde nieuwe overheidsinstanties, versterkte de verzorgingsstaat, verhoogde belastingen en breidde het overheidsgezag dramatisch uit.

Het is interessant om de gelijkenissen te zien tussen de administratieve maatregelen van president Johnson en “A New Program of the American Communist Party’s New Agenda” van 1966. Gus Hall, de secretaris van de CPUSA zei: “de communistische houding ten opzichte van de Great Society kan worden samengevat met een oud gezegde dat twee personen die in hetzelfde bed slapen verschillende dromen kunnen hebben. Wij, communisten, steunen iedere maatregel van het concept van de Great Society omdat wij dromen van socialisme.”

‘Hetzelfde bed’ waar Hall over sprak, verwijst naar het beleid van de Great Society. [16] Hoewel de CPUSA ook het Great Society initiatief steunde, was de intentie van de Johnson regering om de Verenigde Staten te verbeteren met het democratisch systeem. De intentie van de communistische partij was om de Verenigde Staten geleidelijk naar het socialisme te brengen.

De meest serieuze gevolgen van de Great Society en de Oorlog tegen Armoede zijn drievoudig: Ze verhoogde afhankelijkheid van sociale bijstand, ontmoedigde mensen om te werken, en ondermijnde de familiestructuur. Het beleid voor sociale voorzieningen was vooral gunstig voor één ouder families. Dit bevorderde scheidingen en buitenechtelijke kinderen. Volgens de statistieken was 3.8 procent van alle pasgeborenen in 1940 buitenechtelijk; in 1965 was dit getal gestegen tot 7.7 procent. In 1990, 25 jaar na de hervormingen van de Great Society was het getal 28 procent. Het steeg in 2012 verder tot 40 procent. [17]

Het uiteenvallen van de familie had een reeks vergaande gevolgen, zoals een toegenomen financiële last voor de overheid, zeer hoge criminaliteit, een afname van thuis onderwijs, families die generaties lang in armoede verkeren en een mentaliteit van aanspraak maken en recht hebben op, hetgeen leidde tot een hogere mate van vrijwillige werkeloosheid.

Een quote toegeschreven aan Schotse historicus en advocaat Lord Alexander Fraser Tytler luidt: “een democratie kan niet als een permanente overheidsvorm bestaan. Het kan slechts bestaan totdat de kiezers ontdekken dat zij voor overvloedige gaven uit de schatkist kunnen kiezen. Vanaf dat moment kiest de meerderheid altijd voor de kandidaat die het meeste voordelen belooft uit de schatkist. Met als resultaat dat een democratie altijd instort door vrij fiscaal beleid, en gevolgd wordt door een dictatuur.”[18]

Een Chinees gezegde luidt: “Van spaarzaamheid naar extravagantie is gemakkelijk, maar het tegenovergestelde is moeilijk.” Nadat mensen afhankelijk zijn geworden van sociale bijstand, wordt het onmogelijk voor de overheid om de schaal en soorten voordelen in te perken. De westerse welvaartsstaat is een politiek moeras geworden waar politici en ambtenaren geen oplossing voor hebben.

In de jaren zeventig stopte extreem links met het gebruik van revolutionaire bewoordingen die het Amerikaanse volk op hun hoede hielden en verving deze door meer neutraal klinkende termen als ‘liberalisme’ en ‘progressivisme’. Voor lezers die in communistische landen woonden is deze laatste term niets nieuws, aangezien de communistische partij “progressie” gebruikte als een quasi-synoniem voor “communisme”. Bijvoorbeeld, de term “progressieve beweging” verwees naar de “communistische beweging” en “progressieve intellectuelen” verwezen naar “pro-communistische individuen” of ondergrondse leden van de Communistische Partij.

Liberalisme is intussen niet wezenlijk verschillend van progressivisme, omdat het dezelfde connotatie met zich meebrengt van hoge belastingen; toenemende sociale bijstand; grote overheidsinvloed (“moedertje staat”); verwerping van religie, moraliteit en traditie; het gebruik van “sociale rechtvaardigheid” als politiek wapen; “politieke correctheid”; en de militante promotie van feminisme, homoseksualiteit, seksuele perversiteit en dergelijke.

We hebben geen intentie om te vingerwijzen naar één politieke figuur of individu, want het is inderdaad moeilijk om juiste analyses en oordelen te maken te midden van complexe historische ontwikkelingen. Het is wel duidelijk dat het spook van het communisme sinds het begin van de 20e eeuw in zowel Oost als West aan het werk is. Toen de gewelddadige revolutie in het Oosten was geslaagd, verspreidde het de invloed van het communisme naar de regeringen en samenlevingen van het Westen, en verschoven die steeds verder naar links.

Vooral na de Grote Depressie en het einde van de Eerste Wereldoorlog, hebben atheïsme en materialisme het morele weefsel van de Amerikaanse samenleving aangetast en hebben de Verenigde Staten steeds meer socialistischer beleid, zoals de verzorgingsstaat, aangenomen. Mensen waren van God los en raakte de traditionele moraliteit kwijt waarmee hun weerstand tegen misleiding door het kwade spook van het communisme werd verzwakt.

4. De Culturele Revolutie van het westen

De jaren zestig, een keerpunt in de moderne geschiedenis, zagen een culturele tegenbeweging die vanuit het Oosten naar het Westen trok. In tegenstelling tot de Culturele Revolutie van de Chinese communisten, bleek de westerse culturele tegenbeweging meerdere focussen te hebben, of beter gezegd, een gebrek aan focus.

Gedurende het decennium van 1960 tot 1970 waren de veelal jonge deelnemers aan de culturele tegenbeweging gemotiveerd door verschillende kwesties. Sommigen waren tegen de oorlog in Vietnam, sommigen vochten voor burgerrechten, sommigen pleitten voor feminisme en veroordeelden het patriarchaat, sommigen streefden naar homoseksuele rechten. Daarnaast bestond er een duizelingwekkend schouwspel van bewegingen tegen traditie en autoriteit die pleitten voor seksuele vrijheid, hedonisme, verdovende middelen en rockmuziek.

Het doel van deze Westerse Culturele Revolutie is om de oprechte christelijke beschaving en haar traditionele cultuur te vernietigen. Ook al leek deze beweging ogenschijnlijk ongeordend en chaotisch, deze internationale culturele verschuiving kwam voort uit het communisme.

Jeugdige deelnemers aan de culturele tegenbeweging vereerden drie idolen als “de drie M’s” – Marx, Marcuse en Mao Zedong.

Herbert Marcuse was een belangrijk lid van de Frankfurter Schule, een groep marxistische intellectuelen verbonden aan het Instituut voor Sociaal Onderzoek aan de Goethe Universiteit in Frankfurt. Opgericht in 1923, haar oprichters gebruikten het concept van de kritische theorie om de westerse beschaving aan te vallen en het marxisme toe te passen op cultureel gebied.

Een van de oprichters van de school was de Hongaarse marxist György Lukács. In 1919 deed hij de beroemde uitspraak: “Wie kan ons redden van de westerse beschaving?” [20] Hij zei dat het Westen schuldig is aan genocidale misdaden tegen elke beschaving en cultuur die het heeft ontmoet. De Amerikaanse en westerse beschaving zijn, volgens Lukács, ’s werelds grootste opslagplaatsen van racisme, seksisme, nativisme, xenofobie, antisemitisme, fascisme en narcisme.

In 1935 verhuisde de marxisten van de Frankfurter School naar de Verenigde Staten en werden verbonden met de Columbia University in New York. Dit gaf hen een opening om hun theorieën op Amerikaanse bodem te verspreiden. Met behulp van andere linkse geleerden brachten ze verval aan meerdere generaties Amerikaanse jongeren.

Door marxisme te combineren met Freudiaans panseksualisme katalyseerden de theorieën van Marcuse de seksuele bevrijdingsbeweging. Marcuse geloofde dat onderdrukking van de eigen natuur in de kapitalistische samenleving vrijheid en de bevrijding belemmert. Dus was het nodig om zich te verzetten tegen alle traditionele religies, moraliteit, orde en autoriteit om de samenleving te transformeren in een utopie van grenzeloos en moeiteloos genot.

Marcuse beroemde werk “Eros and Civilization” neemt een belangrijke plaats in binnen de enorme hoeveelheid werken van geleerden uit de Frankfurter School. En wel om twee specifieke redenen: ten eerste combineert het boek de gedachten van Marx en Freud en verandert Marx’ kritiek op politiek en economie in een kritiek op cultuur en psychologie. Het boek bouwde ook bruggen tussen de Frankfurter theoretici en de jonge lezers, waardoor de culturele rebellie van de jaren zestig mogelijk werd.

Marcuse zei: “De culturele tegenbeweging kan een culturele revolutie genoemd worden, aangezien het protest gericht is op het hele culturele spectrum, inclusief de moraliteit van de bestaande samenleving. … Er is één ding dat we met volledige zekerheid kunnen zeggen: Het traditionele idee van revolutie en de traditionele strategie van revolutie is voorbij. Deze ideeën zijn ouderwets. … Wat we moeten bewerkstelligen is een vorm van wijdverspreid en gefragmenteerd uiteenvallen van het systeem.” [21]

Slechts weinigen onder de rebellerende jongeren konden de obscure theorieën van de Frankfurt School begrijpen, maar Marcuse’s ideeën waren eenvoudig: anti-traditie, anti-autoriteit en anti-moraal. Verwen uzelf, zonder terughoudendheid, met seks, drugs en rock-and-roll. “Make love, not war.” Zolang je ‘nee’ zegt tegen alle autoriteit en maatschappelijke normen, wordt je beschouwd als een medestander in de ‘nobele revolutionaire zaak’. Het was zo eenvoudig en gemakkelijk om een revolutionair te worden; geen wonder dat het zoveel jonge mensen trok in die tijd.

Benadrukt moet worden dat, hoewel veel van de rebellerende jongeren uit eigen beweging actie ondernamen, veel van de meest radicale studentenleiders aan de voorhoede van de beweging waren opgeleid en gemanipuleerd door buitenlandse communisten. Zo werden de leiders van de Students for a Democratic Society (SDS) opgeleid in Cuba.

De studentenprotesten werden rechtstreeks georganiseerd en in gang gezet door communistische groeperingen. De extreem-linkse Weathermen fractie splitste zich af van de SDS en kondigde dit aan in een verklaring uit 1969: “De tegenstelling tussen de revolutionaire volkeren van Azië, Afrika en Latijns-Amerika en de imperialisten onder leiding van de Verenigde Staten is de belangrijkste tegenstelling in de hedendaagse wereld. Het verder ontwikkelen van deze tegenstelling is het stimuleren van de strijd van de volkeren van de hele wereld tegen het Amerikaanse imperialisme en zijn dienaren”. Deze woorden werden geschreven door Lin Biao, de op één na machtigste toenmalige leider van het communistische China, en kwamen uit zijn serie artikelen getiteld “Lang leve de overwinning van de Volksoorlog! [22]

Net zoals de Culturele Revolutie onomkeerbare schade aanrichtte aan de Chinese traditionele cultuur, veroorzaakte de anti-culturele beweging een enorme kentering in de westerse samenleving. Ten eerste normaliseerde het vele subculturen die tot de lagere lagen van de samenleving behoorden, of afwijkende variaties van de reguliere cultuur waren. Seksuele bevrijding, drugs en rock-and-roll hebben de morele waarden van de jeugd uitgehold en veranderden de jeugd in een nog niet ontwaakte vernietigende kracht die tegen God was, tegen traditie en tegen de samenleving.

Ten tweede, de anti-culturele beweging zette een precedent voor chaotisch activisme en stimuleerde een breed scala aan anti-sociale en anti-Amerikaanse denkwijzen, waarmee het pad werd geëffend voor de revolutie op de straat die later zou volgen.

Ten derde, nadat de jongeren van de jaren zestig hun activistische levensstijl hadden beëindigd, gingen ze naar universiteiten en onderzoeksinstituten, voltooiden ze hun doctoraten en gingen ze de mainstream van de Amerikaanse samenleving binnen. Ze brachten het marxistische wereldbeeld en zijn waarden met zich mee in het onderwijs, de media, de politiek en het bedrijfsleven. Op deze manier hielpen ze een geweldloze revolutie in het hele land verder vooruit.

Sinds de jaren tachtig heeft links grotendeels de bolwerken in de reguliere media, de academische wereld en Hollywood overgenomen. Het presidentschap van Ronald Reagan heeft deze trend kortstondig omgedraaid, alleen om in de jaren negentig weer opnieuw te starten en de afgelopen jaren een hoogtepunt te bereiken.

5. De Anti-oorlog Beweging en de Burgerrechten Bewegingen

In George Orwell’s “1984” is één van de vier belangrijkste Oceanische ministeries het Ministerie van Vrede, dat toeziet op de militaire aangelegenheden van de Partij. De omgekeerde betekenis van deze naam bevat eigenlijk een diepere betekenis: wanneer iemands kracht inferieur is aan die van de vijand, is de beste strategie om het verlangen naar vrede te verkondigen. Het aanbieden van een olijftak is de beste manier om dreigende oorlog te verbergen. De Sovjet-Unie en andere communistische landen waren en blijven bedreven in het uitoefenen van deze strategie, die wordt toegepast om het Westen te infiltreren.

De Wereldvredesraad werd opgericht in 1948. De eerste voorzitter was de Franse fysicus Joliot-Curie, een lid van de Franse Communistische Partij. De Tweede Wereldoorlog was net afgelopen en de Verenigde Staten waren nog steeds het enige land dat de atoombom had geproduceerd en getest.

De Sovjet-Unie had enorme verliezen geleden in de oorlog en op agressieve wijze steunde zij de wereldvrede als een strategie om druk vanuit het Westen te voorkomen. De Wereldvredesraad werd direct beheersd door de Soviet Peace Commission, een organisatie die is aangesloten bij de Sovjet Communistische Partij. Het verkondigde wereldwijd het verhaal waarin de Sovjet-Unie een vredelievend land zou zijn en de Verenigde Staten veroordeeld werd als een dominante oorlogszoeker.

Hooggeplaatste Sovjet functionaris en ideologische leider Mikhail Suslov promootte een ‘strijd om de vrede’, hetgeen een vast onderdeel werd van de Sovjet retoriek.

“De huidige anti-oorlogsbeweging getuigt van de wil en bereidheid van de breedste massa’s van het volk om de vrede te beschermen en te voorkomen dat de agressors de mensheid in de afgrond van een nieuwe slachting storten”, schreef Suslov in een propagandakanaal uit 1950. “Het is nu de taak om deze wil van de massa om te zetten in actieve, concrete acties die erop gericht zijn de plannen en maatregelen van de Anglo-Amerikaanse aanstichters van oorlog te dwarsbomen.” [23]

De Sovje-Uunie sponsorde een groot aantal organisaties en groepen, zoals de Wereldfederatie van vakverenigingen, de Wereld Jeugdvereniging, de Internationale Vrouwenfederatie, de Internationale Federatie van Journalisten, de Wereld Democratische Jeugd Alliantie, de Wereldvereniging van Wetenschappers, en dergelijke om de beweringen van de Wereldvredesraad te steunen. “Wereldvrede” werd één van de voorhoede slogans in de communistische publieke opinie oorlog tegen de vrije wereld.

Vladimir Bukovsky, een prominente Sovjet dissident, schreef in 1982 dat “leden van de oudere generatie zich de parades, de demonstraties en de petities van de jaren 50 nog kunnen herinneren … Het is tegenwoordig nauwelijks een geheim dat de hele campagne werd georganiseerd, uitgevoerd en gefinancierd vanuit Moskou, via het zogeheten vredesfonds en de door de Sovjet gedomineerde Wereldvredesraad … [24]

Secretaris-generaal Gus Hall van de Communistische Partij USA zei: “Er is behoefte om de strijd voor vrede uit te breiden, te laten escaleren, meer mensen erbij te betrekken en het tot een ‘hot topic’ te maken in elke gemeenschap, elke volksgroep, elke vakbond, elke kerk, elke familie, elke straat en elke plek waar mensen samenkomen. … “[25]

In de loop van de koude oorlog stimuleerden de Sovjets de ‘strijd om de vrede’-beweging in drie grote golven, met de eerste in de jaren vijftig. De tweede climax was de anti-oorlogsbeweging uit de jaren zestig en zeventig. Volgens de getuigenis van Stanislav Lunev, een voormalige officier van de Sovjet-GRU (militaire inlichtingendienst) die in 1992 van Rusland overliep naar de Verenigde Staten, was de hoeveelheid geld die de Sovjet-Unie in westerse landen aan anti-oorlogspropaganda besteedde twee keer zo groot als de economische en militaire steun aan Noord-Vietnam. Hij zei dat “de GRU en de KGB bijna alle anti-oorlogsbewegingen en -groepen in de Verenigde Staten en andere landen financierden.” [26]

Ronald Radosh, een voormalig marxist en activist in de anti-Vietnam oorlogsbeweging, gaf toe dat “onze intentie niet zozeer was de oorlog te beëindigen als wel het anti-oorlogssentiment te gebruiken om thuis een nieuwe revolutionaire socialistische beweging te creëren.” [27]

De derde grote anti-oorlogsbeweging vond plaats in de vroege jaren tachtig toen de Verenigde Staten nucleaire middellangeafstandsraketten in Europa installeerden. Anti-oorlog demonstranten eisten dat zowel de Sovjet-Unie als de Verenigde Staten hun nucleaire arsenaal beperkten, maar de Sovjet-Unie hield zich nooit aan internationale verdragen.

Een studie uitgevoerd door het Gerechtelijk Comité van het Amerikaanse Senaat in 1955 vond dat in de 38 jaar sinds de oprichting van het Sovjetregime, deze bijna 1.000 bilaterale of multilaterale verdragen met verschillende landen over de hele wereld had ondertekend, maar bijna alle beloften en gemaakte afspraken overtreden heeft. [28] De auteurs van de studie merkten op dat van alle belangrijke naties in de geschiedenis de Sovjet-Unie waarschijnlijk de minst betrouwbare was.

Trevor Loudon zei dat tijdens de jaren tachtig de anti-nucleaire beweging in Nieuw-Zeeland door middel van speciaal opgeleide agenten heimelijk gesponsord werd door de Sovjet-Unie. Als gevolg hiervan trok Nieuw-Zeeland zich terug uit The Australia, New Zealand, United States Security Treaty (ANZUS ookwel ANZUS Treaty), waarbij dit kleine land met een bevolking van minder dan 4 miljoen mensen direct werd blootgesteld aan de dreiging van het communisme. [29]

Na de aanslagen van 11 september 2001 waren er een reeks grootschalige anti-oorlogsdemonstraties en protesten in de Verenigde Staten. Achter deze demonstraties zaten organisaties die nauwe banden onderhielden met communisten. [30]

Zelfs de veelgeprezen Amerikaanse burgerrechtenbeweging werd beïnvloed door het spook van het communisme. Door de communistische revoluties in China, Cuba, en Algerije te vergelijken, ontdekte de Amerikaanse denker G. Edward Griffin dat de burgerrechtenbeweging in de Verenigde Staten hetzelfde algemene patroon volgde. In de eerste fase werden mensen verdeeld in verschillende en onderling tegenstrijdige groepen. In de tweede fase werd een verenigd front opgezet om een illusie van universele steun te creëren en in de derde fase tegen de oppositie te strijden. De vierde fase was het aanzetten tot geweld. De vijfde fase was het lanceren van een staatsgreep en het grijpen van de macht onder het mom van revolutie. [31]

Beginnend vanaf de late jaren 20 ontdekte de communistische arbeiderspartij het grote potentieel voor revolutie onder zwarte Amerikanen. Ze riepen op tot de oprichting van een Sovjet “Neger Republiek” midden in het zuiden van de Verenigde Staten, waar veel zwarten woonden. [32] Een communistisch handboek over propaganda gepubliceerd in 1934, “De negers in een Sovjet-Amerika“, stelde een combinatie voor van een rassenrevolutie in het Zuiden en de algehele proletarische revolutie. [33]

In de jaren zestig ontvingen de burgerrechtenbewegingen in de Verenigde Staten steun van de Sovjet- en Chinese communistische partijen. Toen Leonard Patterson, een zwarte man en voormalig lid van de Communistische Partij USA, zich terugtrok uit de CPUSA, getuigde hij dat degenen die de oproer en rellen onder Amerikaanse zwarten leidden, sterke steun genoten van de Amerikaanse Communistische Partij. Zowel hij als CPUSA secretaris-generaal Gus Hall waren in Moskou geweest om een training te volgen. [34]

De intensivering van de burgerrechtenbeweging viel ook samen met de campagne van de Chinese Communistische Partij om de revolutie te exporteren. In 1965 presenteerde de CCP de slogan ‘internationale revolutie’, waarbij ze het ‘grote platteland’ van Azië, Afrika en Latijns-Amerika opriep om de ‘internationale steden’ van West-Europa en Noord-Amerika te omcirkelen, precies zoals de CCP eerst het platteland had veroverd en vervolgens tijdens de Chinese burgeroorlog de Kuomintang had verslagen in de steden.

De meest gewelddadige organisaties binnen de beweging voor de rechten van de zwarte mens, zoals de Revolutionaire Actie Beweging en de Maoïstische Zwarte Panters, werden allemaal ondersteund of rechtstreeks beïnvloed door de CCP. De Revolutionaire Actie Beweging bepleitte een gewelddadige revolutie en werd door de reguliere samenleving als een gevaarlijke extremistische organisatie beschouwd. Het werd ontbonden in 1969.

De Zwarte Panters keken naar de CCP als hun rolmodel voor de vorm tot aan hun doctrines, met slogans zoals “politieke macht groeit uit de loop van een geweer” en “alle macht behoort toe aan de mensen.” De citaten van voorzitter Mao Zedong moesten alle leden lezen. Net als de CCP bepleitten de Zwarte Panters een gewelddadige revolutie. In 1968 voorspelde één van zijn leiders, Eldridge Cleaver, een golf van terreur, geweld en guerrilla oorlogvoering. Op veel zwarte bijeenkomsten zwaaiden de deelnemers met het Kleine Rode Boekje (citaten van Chinese voorzitter Mao). De zee van rood vertoonde een opvallende gelijkenis met de scènes die in China rond dezelfde tijd werden gezien. [35]

Hoewel veel van de oproepen van de burgerrechtenbeweging zijn geaccepteerd door de reguliere samenleving, is de radicale zwarte revolutionaire ideologie niet verdwenen. Het heeft onlangs weer opnieuw de kop opgestoken in Amerika in de vorm van de Black Lives Matter beweging. [36]

Mensen over de hele wereld wensen vrede, en pacifisme is een eeuwenoud ideaal. In de 20e eeuw wijdden mensen met een grote visie en compassie hun inspanningen aan het verminderen van misverstanden en conflicten tussen naties. Vanwege historische omstandigheden bestaat rassendiscriminatie in de Verenigde Staten en andere westerse landen. Mensen proberen rassendiscriminatie te elimineren door middel van onderwijs, media en protesten, wat allemaal begrijpelijk is.

Maar het kwade spook van het communisme misbruikt de ideologische trends en sociale conflicten in westerse landen voor zijn eigen belang. Het zaait tweedracht, zet aan tot haat en creëert geweld terwijl het massa’s mensen bedriegt en manipuleert. Mensen die aanvankelijk geen slechte bedoelingen hadden.

Referenties

[1] “An Interview With Trevor Loudon,” Capital Research Center, https://capitalresearch.org/article/an-interview-with-trevor-loudon/.
The Workers World Party was established in 1959 and is “dedicated to organizing and fighting for a socialist revolution in the United States and around the world.” For more information, refer to the following link: “Who are the Workers World Party, the group who helped organize the Durham Confederate statue toppling,” http://abc11.com/politics/who-are-the-workers-world-party-and-why-durham/2314577/.
[2] Karl Marx, Manifesto of the Communist Party(Marx/Engels Internet Archive), https://www.marxists.org/archive/marx/works/1848/communist-manifesto/ch04.htm.
[3] A.M. McBriar, Fabian Socialism and English Politics, 1884–1918. (Cambridge: Cambridge University Press, 1966), p. 9.
[4] Mary Agnes Hamilton, Sidney and Beatrice Webb A Study in Contemporary Biography (Sampson Low, Marston & Co. Ltd.). https://archive.org/stream/in.ernet.dli.2015.81184/2015.81184.Sidney-And-Beatrice-Webb_djvu.txt
[5] Vladimir Ilyich Lenin, “Left-Wing” Communism: an Infantile Disorder (Marxists.org).
[6] Bernard Shaw, The Intelligent Woman’s Guide to Socialism and Capitalism (Brentanos Publishers New York), https://archive.org/details/TheIntelligentWomensGuideToSocialismAndCapitalism.
[7] Quoted from “The Truth about the American Civil Liberties Union,” Congressional Record: Proceedings and Debates of the 87the Congress, 1st session. https://sites.google.com/site/heavenlybanner/aclu.
[8] M. Stanton Evans and Herbert Romerstein, “Introduction,” Stalin’s Secret Agents: The Subversion of Roosevelt’s Government (New York: Threshold Editions, 2012).
[9] Ibid.
[10] Thomas Schuman, Love Letter to America (Los Angeles: W.I.N. Almanac Panorama, 1984), pp. 21–46.
[11] Ion Mihai Pacepa, Ronald J. Rychlak, Disinformation (WND Books).
[12] Wang Tseng-tsai, Modern World History (San Min Book Co., Ltd. Taipei, 1994), pp. 324–329.
[13] Dinesh D’Souza, The Big Lie: Exposing the Nazi Roots of the American Left (Chicago: Regnery Publishing, 2017), Chapter 7.
[14] Jim Powell, FDR’s Folly: How Roosevelt and His New Deal Prolonged the Great Depression (New York: Crown Forum, 2003).
[15] Ibid., back cover.
[16] G. Edward Griffin, More Deadly than War, https://www.youtube.com/watch?v=gOa1foc5IXI.
[17] Nicholas Eberstadt, “The Great Society at 50” (American Enterprise Institute),http://www.aei.org/publication/the-great-society-at-50/. Another reference on the consequences of the United States’ high-welfare policy is a book by the same author: A Nation of Takers: America’s Entitlement Epidemic (Templeton Press, 2012).
[18] Elmer T. Peterson, “This is the Hard Core of Freedom” (The Daily Oklahoman, 1951). This quote has also been attributed to French historian Alexis de Tocqueville.
[19] William L. Lind, Chapter VI, “Further Readings on the Frankfurt School,” in William L. Lind, ed., Political Correctness: A Short History of an Ideology (Free Congress Foundation, 2004), p. 4–5. Refer to the text at: http://www.nationalists.org/pdf/political_correctness_a_short_history_of_an_ideology.pdf
[20] William S. Lind, “What is Cultural Marxism?” http://www.marylandthursdaymeeting.com/Archives/SpecialWebDocuments/Cultural.Marxism.htm
[21] Raymond V. Raehn, Chapter II, “The Historical Roots of ‘Political Correctness,’” in William L. Lind, ed., Political Correctness: A Short History of an Ideology(Free Congress Foundation, 2004), p. 10.
[22] Shen Han, Huang Feng Zhu, “The Rebel Generation: The Western student movement in the 1960s” (Refer to Lin Biao’s translated text at https://www.marxists.org/reference/archive/lin-biao/1965/09/peoples_war/ch08.htm.
[23] Mikhail Suslov, “The Defense of Peace and the Struggle Against the Warmongers” (New Century Publishers, February 1950).
[24] Vladimir Bukovsky, “The Peace Movement & the Soviet Union” (Commentary Magazine, 1982). Refer to the link: https://www.commentarymagazine.com/articles/the-peace-movement-the-soviet-union/
[25] Jeffrey G. Barlow, “Moscow and the Peace Movement,” The Backgrounder (The Heritage Foundation, 1982), p. 5.
[26] Stanislav Lunev, Through the Eyes of the Enemy: The Autobiography of Stanislav Lunev (Washington D.C.: Regnery Publishing, 1998), p. 74, p. 170.
[27] Robert Chandler, Shadow World: Resurgent Russia, the Global New Left, and Radical Islam(Washington, D.C.: Regnery Publishing, 2008), p. 389.
[28] Anthony C. Sutton, “Conclusions,” The Best Enemy You Can Buy (Dauphin Publications, 2014).
[29] Trevor Loudon, The Enemies Within: Communists, Socialists, and Progressives in the U.S. Congress (Las Vegas: Pacific Freedom Foundation, 2013), pp. 5–14.
[30] “AIM Report: Communists Run Anti-War Movement,” Accuracy in Media (February 19, 2003), https://www.aim.org/aim-report/aim-report-communists-run-anti-war-movement/.
[31] G. Edward Griffin, Anarchy U.S. A.: In the Name of Civil Rights (DVD), John Birch Society.
[32] John Pepper (Joseph Pogani), American Negro Problems (New York: Workers Library Publishers, 1928), https://www.marxistsfr.org/history/usa/parties/cpusa/1928/nomonth/0000-pepper-negroproblems.pdf.
[33] James W. Ford and James Allen, The Negroes in a Soviet America (New York: Workers Library Publishers, 1934), pp. 24–30.
[34] Leonard Patterson, “I Trained in Moscow for Black Revolution,” https://www.youtube.com/watch?v=GuXQjk4zhZs.
[35] G. Louis Heath, ed., Off the Pigs! The History and Literature of the Black Panther Party, p. 61.
[36] Thurston Powers, “How Black Lives Matter Is Bringing Back Traditional Marxism,” The Federalist, http://thefederalist.com/2016/09/28/black-lives-matter-bringing-back-traditional-marxism/.

 

 
SOORTGELIJKE ARTIKELEN