Uitleg: Wat doen dirigenten nu eigenlijk precies?

Dirigenten zijn een relatief nieuw soort muzikanten. Pas toen composities complexer werden rond 1810 (dankjewel Beethoven!), werd de daadwerkelijke behoefte aan een dirigent relevanter. Er was vraag naar dirigenten vóór Beethoven, maar in veel mindere mate.

Zoals de bekende auteur en muziekcriticus Norman Lebrecht in zijn boek ‘The Maestro Myth’ al heeft gezegd, blijft er een aanzienlijke mate van mystiek rond dirigenten bestaan. Dit, ondanks het feit dat duizenden uitvoeringen met dirigenten die “face-on” worden getoond nu online beschikbaar zijn. Een voorbeeld hiervan is Sir Simon Rattle die de 2e symfonie van Gustav Mahler dirigeert.

Net als bij alle takken van muziekuitvoeringen, is  het de taak van een dirigent om te communiceren, niet alleen muzikaal, maar ook voorbij het muzikale.

Vóór de uitvoering

De communicatie van een dirigent met het publiek begint vanaf de eerste stap in de concertruimte. Tijdens de wandeling naar het podium moet hij of zij zich niet enkel veilig door een vaak druk bezette ruimte begeven, maar ook glimlachend zowel publiek als artiesten begroeten en de concertrituelen voor de uitvoering voltooien. (De laatste omvatten erkenning van publiek en orkest, een hand schudden met de concertmeester en buigen.)

Dit alles tezamen met het concentreren op hoe de eerste paar maten van het repertoire technisch en muzikaal moeten worden uitgevoerd.

Een dirigent zal meestal ten minste één instrument op professioneel niveau beheersen. Hij of zij moet echter beschikken over een grondige kennis en begrip van alle te dirigeren instrumenten en stemmen. Voorafgaand aan de repetitiefase neemt de dirigent het partituur volledig tot zich en het wordt zeer zelden a prima vista op het podium gebracht.

De gekozen concertkleding kan tijdens ‘de wandeling’ effectief communiceren met publieksleden. Hoewel formele concertkleding voor gangbare mainstreamconcerten nog steeds gebruikelijk is, bieden andere concert portfolio’s interessantere kledingopties: zo is het niet ongewoon om bijvoorbeeld Darth Vader te zien dirigeren!

Ik gebruik een paar vertrouwde, rode, gestreepte schoenen om indruk te maken op het publiek, een feit dat wordt opgemerkt door recensenten die me hebben vergeleken met de bisschop van Rome.

In de 21e eeuw worden dirigenten steeds vaker gevraagd de voorstelling te introduceren. Maar uiteindelijk keert de dirigent het publiek de rug toe (met uitzondering van degenen die in koorbanken zitten) en begint de muziek.

Hoe zit het met die armbewegingen?

Cruciaal voor het succes van de meeste uitvoeringen is een intensief oogcontact met de leden van het ensemble is, daarbij komt het bijna legendarische zwaaien van de armen.

Dit is deels wiskundig, deels artistiek. Het wiskundige verwijst naar de precieze timing van het ritme, waardoor het ensemble op zijn beurt de beste mogelijkheid heeft om samen te spelen.

Veel dirigenten gebruiken een stokje om de timing van het ritme  te slaan, hoewel sommigen dat niet doen. Een dergelijke persoonlijke keuze kan variëren met de omvang en stijl van het repertoire dat wordt uitgevoerd. De slaande arm bevindt zich meestal aan de sterkste kant van het individu: ik ben bijvoorbeeld rechtshandig.

Een belangrijk deel van de rol van de dirigent is om de lengte van elke maat nauwkeurig weer te geven volgens de interpretatie en de theoretische structuur ervan. Een maat is een wiskundig hulpmiddel dat helpt om de muziek visueel te organiseren voor de betreffende artiesten.

Een fervent lid van het publiek zal opmerken dat de meeste maten ritmepatronen hebben die dirigenten kunnen benutten. Het ritmepatroon wordt bepaald door het aantal tellen in de maat. (Het gebruikelijke aantal tellen zou tussen twee en vier liggen.) Het wordt gedefinieerd door een combinatie van verticale en horizontale slagen. (De dirigent geeft dit aan door de arm omhoog en omlaag of van links naar rechts te bewegen.)

Hoe meer tellen er zijn, hoe complexer het patroon wordt. Het type ritmepatroon wordt meestal bepaald door, en weerspiegelt de ritmische structuur van elke maat.

Bijna alle maten hebben eerste en laatste tellen, respectievelijk bekend als de downbeat en upbeat. (Het komt zelden voor dat maten slechts één tel hebben.) Downbeats bewegen van boven naar beneden, en upbeats doen het tegenovergestelde: stel je voor dat je een denkbeeldige lijn in de lucht trekt van 12naar  6 op een klok (downbeat), en omgekeerd (upbeat).

Zowel downbeats als upbeats fungeren als een visueel hulpmiddel voor artiesten om verscheidene punten in de gespeelde maten en partituren  vast te stellen. Upbeats en downbeats visualiseren de maat-lijnen, die op hun beurt wiskundig de muziek ondersteunen.

Hoewel de meeste maten in muziek van vergelijkbare lengte zijn, is dit niet altijd het geval, zoals online opnames van Stravinsky’s “The Rite of Spring” zullen aantonen. Dit bekende werk heeft meerdere en vaak veranderende maatlengtes, dat allemaal een hoog niveau van techniek en muzikaliteit van een dirigent vereisen.

Volume benadrukken

De slaande arm communiceert niet alleen de timing; het kan ook het volume beïnvloeden. In het algemeen geldt: hoe luider de muziek, hoe groter het gebruikte fysieke gebaar.

Het hele lichaam van een dirigent helpt de artistieke boodschap over te brengen naar een ensemble, en bijgevolg naar het publiek. Van top tot teen, het kan de uitvoering muzikaal beïnvloeden, middels dingen als het aanwijzen van muzikanten, dynamische controle (volume), de balans van het ensemble en artistieke vorm.

Communiceren, mondeling of anderszins, is wat een dirigent doet. Zonder succesvolle communicatie vanaf het podium zal het genieten van het maken van muziek voor alle betrokkenen, inclusief het publiek, minder zijn.

Warwick Potter geeft les over dirigeren aan de Universiteit van Queensland, Australië. Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op The Conversation.

 

 

 
SOORTGELIJKE ARTIKELEN